Actualiteiten

Vacature juridisch medewerker

Klik hier voor meer informatie.

 

 

De derde Dag van de belastingadviseur

De Bont Advocaten presenteert de derde Dag van de belastingadviseur met als thema:

'Een ongebruikelijke middag' 

Op dinsdag 21 november 2017 organiseert De Bont Advocaten de derde Dag van de belastingadviseur met als thema 'een ongebruikelijke middag'. Inmiddels hebben we al ruim 100 aanmeldingen ontvangen. Er zijn nog enkele plaatsen beschikbaar. Ook u begroeten we graag in de Koninklijke Industrieele Groote Club te Amsterdam. Klik hier voor meer informatie.

Aanmelden kan via vanderdussen@debontadvocaten.nl

 

 

Raad van State (26 juli 2017): ANPR gegevens moeten worden aangemerkt als persoonsgegevens die zonder wettelijke grondslag door de Belastingdienst worden verwerkt en om die reden moeten worden vernietigd


In de onderhavige procedure werd op grond van de Wet bescherming persoonsgegevens (hierna: Wbp) verzocht om inzage in de 'persoonsgegevens' die door de Belastingdienst werden verwerkt. Op grond van de Wbp kan een belanghebbende aan (bijvoorbeeld) de Belastingdienst verzoeken hem of haar mede te delen welke persoonsgegevens er ten aanzien van hem of haar worden verwerkt. Tevens kan worden verzocht die gegevens te verwijderen als deze in strijd met een wettelijk voorschrift worden verwerkt. In dat verband werd in de onderhavige procedure verzocht om de Automatic Number Plate Recognition (ANPR)-gegevens die ten aanzien van deze belanghebbende door de Belastingdienst werden verwerkt, aan belanghebbende te verstrekken en deze vervolgens te vernietigen omdat een wettelijke grondslag voor het gebruik van deze gegevens door de Belastingdienst ontbreekt.

De Raad van State oordeelde vandaag dat de ANPR-gegevens die door de Belastingdienst worden verwerkt moeten worden aangemerkt als persoonsgegevens in de zin van de Wbp. Dit geldt ook als het gaat om een kenteken dat is geregistreerd op naam van een rechtspersoon omdat aan de hand hiervan de natuurlijk persoon kan worden geïdentificeerd. Van belang is of de gegevens alleen of in combinatie met andere gegevens zo kenmerkend zijn voor een natuurlijke persoon dat deze daarmee kan worden geïdentificeerd. Daarbij mogen, naar het oordeel van de Raad van State, alle middelen worden betrokken waarvan mag worden aangenomen dat zij redelijkerwijs door de verantwoordelijke of enig ander persoon zijn in te zetten om tot die identificatie te komen.

De Raad van State oordeelde voorts dat het verzamelen, vastleggen, bewerken, bewaren en gebruiken van de ANPR-gegevens het privéleven van de betrokkene raakt. Om die reden is een voldoende precieze wettelijke grondslag vereist. Onder verwijzing naar het arrest van de Hoge Raad van 24 februari 2017, (ECLI:NL:HR:2017:288), overweegt de Raad van State dat een wettelijke grondslag voor het verzamelen en verwerken van deze gegevens door de Belastingdienst ontbreekt. Om die reden moeten de gegevens aan belanghebbende worden verstrekt en moeten de gegevens vervolgens worden vernietigd.

Deze uitspraak zet de spreekwoordelijke deur open voor verzoeken aan de Belastingdienst op grond van de Wbp om mededelingen te doen ten aanzien van gegevens uit het ‘belastingdossier’. Als het gaat om ‘persoonsgegevens’ in de zin van de Wbp, biedt deze Wbp-route de mogelijkheid om te verzoeken gegevens te verbeteren, aan te vullen, te verwijderen, of af te schermen indien deze feitelijk onjuist zijn, voor het doel of de doeleinden van de verwerking onvolledig of niet ter zake dienend zijn dan wel anderszins in strijd met een wettelijk voorschrift worden verwerkt.

Link naar de volledige uitspraak: http://www.raadvanstate.nl/uitspraken/zoeken-in-uitspraken/tekst-uitspraak.html?id=91923

 

 

HOGE RAAD WIJST BELANGWEKKEND ARREST IN ANPR ZAAK

Belastingdienst mag kentekengegevens niet gebruiken

Na het voeren van een jarenlange procedure over het gebruik van ANPR-gegevens door de Belastingdienst, heeft de Hoge Raad ons cassatieberoep in deze zaak vandaag gegrond verklaard. De Hoge Raad oordeelt dat een wettelijke grondslag voor het gebruik van ANPR-gegevens door de Belastingdienst ontbreekt. 

De Belastingdienst maakt met behulp van ANPR technologie op grote schaal foto's langs de Nederlandse snelwegen. Die foto's van miljoenen Nederlanders worden systematisch opgeslagen en verwerkt. De Belastingdienst gebruikt die foto's bijvoorbeeld voor de controle van rittenregistraties waaruit zou moeten blijken dat de kentekenhouder minder dan 500 kilometer privé heeft gereden. De betreffende camerabeelden geven echter een zeer gedetailleerd inzicht in het verplaatsingsgedrag van automobilisten.

Een belanghebbende die zich met deze foto's geconfronteerd zag in een discussie over de juistheid van zijn rittenadministratie, spande hierover met zijn advocaten prof. mr. G.J.M.E. de Bont en mr. A.B. Vissers, een procedure aan. Na, door zowel de Rechtbank als het Hof in het ongelijk te zijn gesteld, stond in de cassatieprocedure de vraag centraal of deze wijze van gegevensverwerking - waarmee een inbreuk wordt gemaakt op het recht op privacy zoals bedoeld in artikel 8 EVRM - wel voldoet aan de eisen die daaraan op grond van de Europese jurisprudentie worden gesteld.

De Hoge Raad bevestigde vandaag dat de Belastingdienst met het verzamelen en verwerken van de ANPR-gegevens inbreuk maakt op de privacy. Voorts oordeelt de Hoge Raad dat de noodzakelijke wettelijke grondslag voor een dergelijke inbreuk ontbreekt. De Hoge Raad plaatste het volgende persbericht op hun website:

Belastingdienst mag foto’s snelwegcamera’s niet gebruiken

De Belastingdienst mag voor de controle van rittenregistraties in het kader van privé-gebruik van een auto van de zaak geen gebruik maken van met ANPR-camera’s vastgelegde beelden. Voor het gebruik van deze beelden bestaat namelijk geen toereikende wettelijke grondslag. Dat oordeelt de Hoge Raad vandaag in drie zaken.

Drie belastingplichtigen mogen van hun werkgever een auto van de zaak gebruiken. Zij hebben aangegeven dat zij niet privé in deze auto rijden. Jaarlijks overleggen ze aan de Belastingdienst een rittenregistratie waaruit blijkt dat het privégebruik van de auto onder de 500 kilometer is gebleven. De Belastingdienst accepteert  deze rittenregistraties niet omdat de auto’s zijn gesignaleerd op locaties die niet overeenkomen met de gegevens in de rittenregistraties. De belastingdienst heeft dit vastgesteld aan de hand van foto’s die zijn gemaakt door snelwegcamera’s van het Korps landelijke politiediensten (KLPD . Deze camera’s zijn voorzien van automatische nummerplaatherkenning ( ‘Automatic Number Plate Recognition’ (ANPR)).

De Hoge Raad oordeelt dat het privéleven van de betrokkenen wordt geraakt door de manier van het verzamelen en gebruiken van de met ANPR-camera’s verkregen gegevens. Het gaat hier namelijk niet  om één of enkele waarnemingen in de openbare ruimte, maar om het systematisch verzamelen, vastleggen, bewerken en jarenlang bewaren van gegevens over de bewegingen van voertuigen op diverse plaatsen in Nederland. Een voldoende precieze wettelijke grondslag - die in zo’n geval is vereist op grond van artikel 8 EVRM - ontbreekt hiervoor.

Anders dan advocaat-generaal Niessen concludeerde (ECLI:NL:PHR:2016:883 en ECLI:NL:PHR:2016:884) geldt dit volgens de Hoge Raad ook indien ervan moet worden uitgegaan dat de Belastingdienst de ANPR-gegevens heeft verkregen van het KLPD op basis van artikel 55 Algemene Wet inzake Rijksbelastingen (AWR), en deze niet zelfstandig heeft verzameld. Ook artikel 55 AWR biedt volgens de Hoge Raad geen voldoende precieze grondslag voor het verzamelen, vastleggen, bewaren en gebruiken van de ANPR-gegevens.

De aan de belastingplichtigen opgelegde naheffingsaanslagen loonheffingen mogen niet worden gebaseerd op de ANPR-gegevens. In twee van de drie zaken verwijst de Hoge Raad de zaak naar een ander gerechtshof. Dat hof zal moeten beoordelen of  de auto’s voor niet meer dan 500 km per jaar privé zijn gebruikt. Daarbij mag geen gebruik worden gemaakt van de met behulp van ANPR-camera’s verzamelde gegevens. In de andere zaak waren de naheffingsaanslagen uitsluitend gebaseerd op ANPR-foto’s. De Hoge Raad kon de zaak daarom zelf afdoen.

Link naar het volledige arrest: https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:HR:2017:288